• Geert Jan Beeckman

horizontale compositie

Twee lichamen met een dode ertussen

moeten de vrede bewaren.

Onze stappen droogden de aarde al.

Ons sterven is nooit verlegen geweest

de weg te vragen. Leg er een hand op

en de stemlozen zullen dit herhalen.


Tragedie is een vreemd land.

Wij weten niet hoe wij met de inwoners

moeten praten. Wij sparen aanraking

aan de nachtzijde net als de onmacht

over vingerverf het morsen van

voorwoordelijke pijn.


De tijd stond op het slagveld al.

Alles wat ons rest is van profane heugenis.

Wij mengen windrichtingen met vergeelde

kranten en steken ons kind van één geraamte aan.


Als oude geheimen verspreiden onze daden

zich in onvertaalbare talen. Iets tussen het liplezen

van God en mond die je niet wil openhalen.

Wij kruisigen de speler die de mensen regisseert

en verbreken de zegels in het dal der Koningen.


Zo moet het vroeger ook zijn geweest.

Wie door zijn verf een huidspoor trekt

is er aan voor moeite. Wie woorden neerzet

ziet ze leegwaaien sneller dan het schreeuwen

tegen de tijd in.


Wij schrijven niet aan een afscheidsbrief

maar ooit zal hij er liggen.



Uit: Woestijnzucht

Uitgeverij P, 2021