• Wim Vandeleene

hand met brandwonde

het kwik stijgt, omgekeerd evenredig

aan de afstand, je wang, een kookplaat.

in een reflex haal ik mijn hand weg

en haast me naar de koude kraan.


mijn koorts stijgt tot in de haarwortels.

mijn hand zwelt en krijgt de kleur van magma.

je blaast er op alsof je pas gelakte nagels droogt.

hij dooft als ik hem in water doop.


je zalft me met zorg tot de hand

weer jeukt van honger, er groeit een korst over.

het wordt een klein gebrek dat je raakt.